De Stelling van Amsterdam 2017-04-11T08:41:09+00:00

Het fort bij Markenbinnen,
onderdeel van De Stelling van Amsterdam

Ons opleidingscentrum is gevestigd in het fort bij Markenbinnen, één van de forten behorende bij de Stelling van Amsterdam.

De Stelling van Amsterdam is een verdedigingslinie rondom Amsterdam. Primair was het een waterlinie. In geval van vijandelijkheden zouden grote delen van het gebied rond Amsterdam onder water worden gezet (inunderen). De vijand zou dan niet kunnen oprukken. De Stelling van Amsterdam zou fungeren als nationaal reduit, als het laatste bastion van Nederland.

De verdediging bestaat uit 46 forten, batterijen, dijken en sluizen die nodig waren om het land rond de stelling te kunnen inunderen met water. De forten zijn gesitueerd op plaatsen waar de waterlinie wordt doorkruist door dijken, wegen, of spoorlijnen. Ook plaatsen waar het water diep genoeg was om met boten te varen waren kwetsbaar. Op die plaatsen zou de oprukkende vijand niet door het water worden tegengehouden, zodat hij op deze plekken onder vuur genomen moest kunnen worden.

De aanleg van de Stelling van Amsterdam is vastgelegd in de Vestingwet van 1874. Alles was erop berekend om het leger en de bevolking een belegering van negen maanden te laten overleven. Op een enkele latere aanpassing na is de Stelling in 1920 opgeleverd.

De Stelling van Amsterdam heeft nooit dienstgedaan, al waren de aanwezigheid van de Stelling en van de Nieuwe Hollandse Waterlinie een factor voor de Duitsers om Nederland niet in te vallen in 1914. Door de opkomst van het vliegtuig verloor de stelling na de Eerste Wereldoorlog snel aan militaire betekenis. Zij bleef echter grotendeels behouden, en de militaire status werd pas in 1963 opgeheven.

In 1996 is de Stelling van Amsterdam in haar geheel op de UNESCO Werelderfgoedlijst geplaatst.

De functie van het Fort bij Markenbinnen voor de Stelling van Amsterdam

Het gevaar voor de Stelling van Amsterdam bij Markenbinnen zat in “de Enge Stierop” dit is de waterverbinding vanuit het Alkmaardermeer. Daar konden schepen de Stelling binnenvaren. Verder kon licht geschut via de vlotbrug over de kade van de Markervaart komen.

Daarom werden er, behalve de vier zware kanonnen in kazematten aan de keelzijde van het fort met een bereik van 6 tot 8 kilometer, aan de frontkant twee hefkoepelgebouwen gebouwd met geschut met een bereik van 2,5 tot 3 kilometer. Zo kon men de Stierop, de Vlotbrug en de hele Middenweg verdedigen.

Gebruik van het fort bij Markenbinnen

Bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in augustus 1914 werd de Stelling van Amsterdam in staat van paraatheid gebracht.
De officiële bezetting van het fort was 315 soldaten, 5 officieren en 12 onderofficieren. In de Genieloods was plaats voor 75 extra slaapplaatsen (zolder). De onderverdieping werd gebruikt voor verstrekken van voedsel.

Speciaal opgeleide geniesoldaten bereidden de inundaties voor en een deel van de soldaten werden ingekwartierd bij de bevolking. Na een eerste drukke maand brak voor de gemobiliseerde fortbezetting een tijd van afwachten aan. In november 1915 kon het merendeel van de soldaten naar huis. Slechts een paar forten, waaronder fort Markenbinnen, bleven bezet. De mobilisatie kwam men door met oefenen en wachtlopen. In de oogsttijd hielp men de boeren in de omgeving.

In de 2e Wereldoorlog hadden de Duitsers opdracht zoveel mogelijk nikkelstaal uit de forten te halen en naar Duitsland over te brengen om de op volle toeren draaiende oorlogsindustrie te voorzien van noodzakelijke grondstoffen. Maar de weg vanaf het eilandje De Woude was een smal en vaak glibberig dijkje, bovendien stond de polder onder water. Het is dus gebleven bij het opblazen van de hefkoepelgebouwen en het meenemen van de pantserplaten en geschut.

Na de tweede wereldoorlog had het fort geen functie meer. Na de watersnoodramp in Zeeland in 1953 heeft de Bescherming Bevolking (BB), met de Militaire Colonne als onderdeel van de Landmacht, het fort in gebruik genomen als opslagplaats voor tenten, dekens, veldbedden e.d.

De Regionale brandweer Noord-Kennemerland (RBNK) was tussen 1985 en 2003 huurder van de opstallen op het terrein van het Fort bij Markenbinnen. Zij exploiteerde ten behoeve van het Samenwerkingsverband Noord-Kennemerland (SNK), een opleidings- en trainingscentrum voor brandweer en bedrijfshulpverlening.

Gedwongen door de wetgeving “markt en overheid” is het opleidingscentrum per 1 januari 2003 geprivatiseerd en verder gegaan als RBOC Fort Markenbinnen BV.

stelling-van-amsterdam-unesco-werelderfgoed

X